HomeActueel"Als visie ontbreekt, komt het volk om"

"Als visie ontbreekt, komt het volk om"

Publicatiedatum: 22 jan. 2020


Vóór politiek met visie

Een politieke visie. Daar kun je veel last van hebben, zo lijkt onze premier Mark Rutte uit te stralen. Dat is geen nieuw gezichtspunt. Zo’n veertig jaar terug, in de verkiezingscampagne van 1980, zei de Duitse Bondskanselier Helmut Schmidt iets wat op hetzelfde neerkomt: Wer Visionen hat, sollte zum Arzt gehen [Wie visioenen heeft, moet naar de dokter gaan]. De sociaaldemocraat Helmut Schmidt was een uitgesproken Real-Politiker met een vlijmscherpe tong. Naar verluidt, richtte hij zich met deze woorden tot zijn partijgenoot Willy Brandt die wel eens ‘last had van visie’. Joop den Uyl – bepaald geen vriend van Schmidt, wél van Brandt – leed aan hetzelfde euvel. Hij was ook zo’n lastige politicus met visie. ‘Waar visie, waar uitzicht ontbreekt, komt het volk om,’ zo luidde de uitsmijter van de regeringsverklaring die Den Uyl op 28 mei 1973 aflegde in de Tweede Kamer. Daarmee citeerde deze ex-gereformeerde PvdA-politicus uit het Spreukenboek (hoofdstuk 11 vers 14a), waar de tekst in de Statenvertaling luidt: ‘Als er geen wijze raadslagen zijn, vervalt het volk.’

Met de visioenen van de sociaaldemocraat Den Uyl had de SGP-fractie zeker niet veel gemeenschappelijk. Maar hij had wèl een (bepaalde) visie. Het ontbreken van een visie – zoals bij de pragmatische Rutte - maakt het stukken lastiger om met een politieke opponent om te gaan. Bij de ene gelegenheid kun je hem bijvallen, terwijl je van een ander voorstel mijlenver afstand houdt.

Den Uyl, Abma en Jongeling

Tijdens het Kamerdebat op 29 mei 1973 bleek dat het niet meteen duidelijk was welk woord van de Spreukendichter premier Den Uyl precies citeerde. Als hij het genoemde vers bedoelde, citeerde hij dat in een eigenzinnige vertaling. Meer naar het einde van het Spreukenboek, in hoofdstuk 29 staat de volgende levenswijsheid: Als er geen profetie is, wordt het volk ontbloot; maar welgelukzalig is hij, die de wet bewaart. (Spreuken 29 vers 18). Het gaat hier om een tekst die vanuit het oorspronkelijke Hebreeuws wat moeizaam in het Nederlands is te vertalen. Daarom geef ik deze tekst ook weer in de zgn. Naardense vertaling: Als er geen visioen is, wordt een gemeenschap teugelloos,- die het onderricht bewaakt, zalig is hij!

Deze laatste vertaling van het eerste deel van de spreuk komt dichtbij de geciteerde woorden uit het slot van de regeringsverklaring van Den Uyl. De woordvoerders van de SGP- en de GPV-fractie, ds. Abma en dhr. Jongeling wezen erop dat de regering aan dit Schriftwoord niet haar eigen draai mag geven. Alsof het om het even is wèlke visie wordt voorgestaan. SGP’er Abma: ‘Wij moeten daar dus niet onze eigen visie, onze eigen openbaring en onze eigen profetie - het kan immers een valse profetie zijn - in leggen.’ GPV’er Jongeling hield Den Uyl voor dat de tweede helft van de spreuk verklaart wat met de eerste helft wordt bedoeld. Als de goede wet, de Thora of het onderricht ontbreekt, dan gaat het de verkeerde kant op met Nederland. Dan komt het volk om. Het volk wordt de vrije teugel gegeven en aan zijn lot overgelaten. Het vervalt tot bandeloosheid en raakt losgeslagen van zijn morele ankers.

Wat zijn hiervan de gevolgen? Het recht struikelt op straat. De één verdringt de ander en de (meest) kwetsbare mensen worden in de hoek gedrukt of over de rand geduwd. Het leven wordt geschonden. De dood als oplossing aangeprezen. Liefde en trouw worden overwoekerd door het onkruid van heerszucht en onverschilligheid. We merken het om ons heen in Nederland en andere Europese landen.

Profetie vandaag

Is er in onze tijd geen profetie meer? Gelukkig wel. Met dank aan God. In veel gezinnen wordt elke dag uit de Bijbel gelezen. Op christelijke en openbare scholen worden verhalen uit de Bijbel verteld aan de kinderen. In kerken worden erediensten gehouden en klinkt de verkondiging iedere zondag weer. In veel gemeenteraden en provinciale staten zitten christenpolitici die van tijd tot tijd een visie naar voren brengen gebaseerd op de Bijbel, op de christelijke levensovertuiging. Zo ook in Europees Parlement, Tweede Kamer en senaat. Laten we de Heere niet te kort doen door te zeggen dat er geen profetie meer in ons land wordt gehoord.

De vraag is wel of wij en anderen daaraan gehoor geven. Wanneer haast niemand meer luistert naar Gods profetie, ontstaat er vroeger of later chaos. Ik geef drie voorbeelden.

  • Lichaamscultuur. Wie zijn lichaam niet meer ziet als een schepping van God, werpt zichzelf op als de ultieme eigenaar en vindt dat ‘ie er zelf mee kan doen wat ‘ie zelf wil. En dat neigt nogal eens naar een van de twee uitersten: die van verering (fotomodel, sportheld) of die van verachting (verslonzen, verslaving of erger). Deze uitersten oefenen aantrekkingskracht op mensen uit.
  • Tijdsbesteding. God heeft de eeuw in ons hart gelegd. Hij geeft ons tijd en verlangt dat wij Hem een stukje van die tijd teruggeven. Bijvoorbeeld door op zondag naar de kerk te gaan. Of door vrijwilligerswerk of mantelzorg te doen ten gunste van anderen. Dat stimuleert mensen tot dankbaarheid jegens God en elkaar. En regelmatige rust met ruimte voor reflectie voorkomt uitputting en overmatige drukte. Afwisseling van werk en vrije tijd, van dingen doen voor jezelf, voor een ander of voor God, tilt ons uit boven de maalstroom van het gewone leven.
  • Gezag. Alle gezag op aarde berust op het gezag van God. Hij is de bron van gezag en verleent gezagsdragers volmacht. Maar wie het gezag van God niet erkent, zal op den duur ook niet meer het gezag van mensen erkennen, aldus ds. H.G. Abma.


Nu het tweede deel van Spreuken 29 vers 18: welgelukzalig is hij die de wet bewaart. Met de wet doelt de Spreukendichter hier niet op de Tien Geboden, maar op de Thora, het onderricht, het hele Woord van God. Bewaren van de wet, dat doe je door te luisteren naar het Woord en dit tot je door te laten dringen, tot in het diepst van je hart en ziel. Want het is een bron van levenskracht en zingeving. Als je dat doet, ben je welgelukzalig, zegt Salomo. Driewerf gelukkig. Niet in de zin van meer materiële welvaart, meer bezit of veel geluk hebben, maar echt gelukkig zijn en rusten in God. Want het ligt vast bij God, onafhankelijk van ons gevoel en de situatie op een bepaald moment.

Gegronde hoop voor de toekomst

De vraag die naar ons toekomt, is of wij de wet van God bewaren en doen. Als we dat niet doen, raken ook wij het spoor bijster. Nu is de Bijbel geen instructieboek voor maatschappelijk handelen of een politiek receptenboek, met regels en instructies die je direct kunt toepassen in de praktijk. Maar de Bijbel geeft wel degelijk inzicht, wijsheid voor heel het leven. Telkens weer houdt de Bijbel ons de vraag voor op wie of wat je eigenlijk vertrouwt. Geloof je in God, vertrouw je op Hem? Heb je de Heere lief met heel je hart of heb je uiteindelijk meer vertrouwen in de nep-goden, de idolen van onze tijd?

Kijkend naar de situatie in Nederland, Europa en de wereld, ben ik een sterk voorstander van politiek met een Bijbelse visie. Die geeft gegronde hoop voor de toekomst.

Jan Schippers, directeur Wetenschappelijk Instituut voor de SGP